De loonsstijging in de CAO, die een looptijd kent van vier jaar, is inclusief een stapsgewijze verhoging van de eindejaarsuitkering tot een volledige 13e maand. Ook zullen de bonden nauw worden betrokken bij de uitwerking van het programma Vernieuwing Rijk. De besprekingen over de nieuwe cao zijn vandaag tot tevredenheid van beide partijen afgerond. Minister Ter Horst zal het akkoord voorleggen aan de ministerraad en de ambtenarenbonden gaan hun leden over het akkoord raadplegen.
Acties en stakingen effectief gebleken
Eerder deze maand bood PvdA-minister Guusje ter Horst rijksambtenaren een loonsverhoging van in totaal 10,5 procent in de komende drie jaar. Dat is zelfs meer dan wat de vakbonden en de stakende ambtenaren eisten. Johan Remkes (VVD), de voorganger van Ter Horst, wilde de ambtenaren niet meer geven dan jaarlijks 2 procent loonsverhoging. Daarop volgden in november en januari enkele massale acties en betogingen door rijksambtenaren.
Ook hogere eindejaarsuitkering
Het onderhandelaarsakkoord voorziet in een structurele salarisverhoging van 2,3 procent met terugwerkende kracht per 1 januari 2007, 2 procent per 1 april 2008 en 2 procent per 1 april 2009. De cao loopt tot 31 december 2010. De procentuele eindejaarsuitkering wordt stapsgewijs verhoogd met 1,2 procent in 2007, 1,2 procent in 2008, 1,4 procent in 2009 en 2,9 procent in 2010. In 2010 bedraagt deze uitkering 8,3 procent. De nominale eindejaarsuitkering wordt verhoogd van 1100 naar 1200 euro per jaar. Voortaan wordt deze uitkering niet per jaar uitbetaald, maar in het maandsalaris verwerkt. In 2010 zal worden bezien of een herziening van het loongebouw (schalenstructuur) mogelijk is.
Verlof bij verhuizing en huwelijk
Ten gunste van de primaire arbeidsvoorwaarden is een beperking overeengekomen van bijzondere verlofvormen, zoals het verlof bij verhuizingen op eigen verzoek, ondertrouw en huwelijk. Partijen onderschrijven de doelstellingen van het programma Vernieuwing Rijksdienst om te komen tot een kwalitatief betere en slankere rijksoverheid. Afspraken zijn gemaakt over het betrekken van bonden en medezeggenschap bij het programma, meer ruimte voor ambtenaren om zich te ontwikkelen en een meer flexibele wijze van reorganiseren. Een belangrijke afspraak bij het omgaan met de personele gevolgen betreft het uitgangspunt ‘van werk naar werk’.












